door Ad Smeijers
1.
Alles komt goed, als je het Sinterklaasjournaal mag geloven. In die wereld geldt daags voor de verjaardag van sint Nicolaas, op pakjesavond dus, eind goed al goed. Het mag er in de weken nadat hij voet aan de grond zette beroerd aan toegaan. Hoe hopeloos en wanhopig de situatie lijkt, het komt allemaal goed. Dat is de fijne, kleine wereld van Nicolaas. Geen enkele verwachting eindigt met een sof, een tegenvaller. Wat een tegenstelling met de wereld waarin ik, drs. Zjos Sombermans cultuurcriticus, nu leef, moet leven, net als mijn buurman en daar de buren van. Zeg maar met iedereen; iedereen hier geboren of hier naar toe gevlucht. Vluchten is de schuld van de oorlog en oorlogen zijn begonnen door mannen, het zijn altijd mannen, kerels met macht en honger naar nog meer macht. Een honger die niet te stillen valt of lijkt dat maar zo. Niemand op die apenrots is gekomen om te dienen, maar om gediend te worden.
Er is een heel oud boek, waarin een man, verdomd alweer een kerel, die hele verhouding radicaal op zijn kop zet. Hij kwam om te dienen, niet om gediend te worden. Over die man gaat het in deze tijd van het jaar, in de weken na het onopgemerkte vertrek van Nicolaas. Die lijkt onvindbaar, van het een op het andere moment vertrokken waarschijnlijk naar Spanje, Zuid-Italië, misschien wel Turkije. Naar een stadje waar hij in de wieg gelegen heeft, door zijn moeder gezoogd werd, heeft leren lopen en praten. Volwassen geworden heeft hij het tot bisschop geschopt en door zijn doen en laten wereldberoemd geworden. Onder zeelui, kleingelovigen en hardwerkende snabbelaars in Vlaanderen en in ons Goede Vaderland kan hij niet kapot.
Die andere man is niet de kerstman. De kerstman is een kerel uit de categorie extreem obees. Drs. Sombermans moet niet veel hebben van die seizoensarbeider van buiten de EU. De kerstman laat zich vervoeren ‘on a one-horse open sleigh’ en laat een bel klingelen; rare fratsen. Drs. Sombermans ergert zich aan de woordenschat die uit één woord bestaat dat hij steeds repeteert. Ho-ho-ho. Maar de goeiige lobbes deelt mandarijntjes uit, die actie vindt Sombermans dan weer wel sympathiek.
Wie is die andere man op het lijstje na Sint Nicolaas en de kerstman? Die man was ooit een hulpeloze baby. Geboren werd hij in een armoedige stal – daar sloten vensters noch deuren, vertelt een lied. Zijn moeder was Maria en over zijn vader doen de vreemdste verhalen de ronde. Sommigen zeggen dat het een timmerman was die Jozef heette, anderen beweren dat het de Schepper van hemel en aarde oftewel God zelf geweest moest zijn. Een timmerman slaat meestal de spijker op de kop. Mist hij, dan zegt hij nooit, da’s jammer. Hij gilt van de pijn en schreeuwt godverdegodver.... Jezus, want zo heette het kind, hoort het gegil, snelt de timmerwinkel in en vraagt bezorgd: ‘Papa, riep u mij?’. Met dit voorval begint de twijfel naar wie hij werkelijk is. Die jongen, het moet wel een bijzonder kind geweest zijn. Nu weten we van zijn kindertijd weinig en over zijn puberteit helemaal niks. Hij was eens een paar dagen zoek. Maria dacht dat hij bij haar man was. Jozef veronderstelde dat hij zijn mama gezelschap hield. Het gezin was op reis met veel andere gezinnen en dan kan zoiets gebeuren. Ze knuffelden hem dood toen ze hem terugvonden.
2.
Ik ben de buurman van drs. Zjos Sombermans. Mijn naam, laat die maar zitten, die hoeft niet in de krant. Ik ben lid van de vereniging van landgoedeigenaren. Een paar hectaren bos heb ik. Op een klein stukje verbouw ik er groente en fruit. In de aardbeientijd vul ik bakjes, zet die aan de straat. Mijn kraampje is een kruiwagen. Koop je een bakje dan stop je een euro in een busje dat onwrikbaar vast zit aan de stellage. Ik krijgt het open, met een sleuteltje. Onverlaten met een koevoet, heb ik een keer meegemaakt. ‘Ik ga er van uit dat de meeste mensen deugen’, zeg ik, en ik meen het.
Als niemand nog aan Sinterklaas denkt verkoop ik kerstbomen. De winst gaat naar het gehandicapte kind; ik ben donateur van het Lilianefonds. Zouden meer mensen moeten doen! Mijn motto is: van weggeven word je rijk.
Ik ben tevens lid van de vereniging ter bevordering van de ambulante handel. Ambulante handel is een deftige woord voor verkoop aan de straat. Ik ben verzot op niet alledaagse woorden. Ik verzamel ze, gebruik ze en spel ze zonder fouten; kortom drs. Zjos Sombermans vindt mij een taalvirtuoos. Uit de mond van een cultuurcriticus streelt mij dat. Ik ben voor de regionale afdeling in het bestuur gekomen en na lang aandringen voorzitter geworden. Ze noemen mij een verbinder; iemand die de vereniging bij elkaar houdt en zo tot bloei brengt. ‘Succes begint met luisteren naar je mensen’ is mijn overtuiging. Naar de harde schreeuwers en de bescheiden mondjes. Naar lettervreters en analfabeten. Naar oude vossen en jonge honden. ‘Aan jou is een goeie pastoor verloren gegaan’, grappen mijn vrienden met een trappist aan de mond. Ik kan daar daar wel mee leven, mijn partner lacht er flauwtjes om.
3.
Luisteren dat deed het jongetje in de kribbe ook toen hij eenmaal volwassen geworden was en zijn weg gevonden had. De mensen om hem heen noemden hem een profeet. Waarom? Dat voert te ver. ‘Ik kan je wel een paar boekjes aanraden’, zei Sombermans tegen zijn buurman die om kennis aangaande de spirituele dimensies van het leven verlegen zat. Hij noemde vier dunne boekjes en hun auteurs: Mattheus, Marcus, Lucas en Johannes.
Mensen van vandaag verwachten de komst van Jezus, het Kind in de kribbe. Ze zetten een spar in huis, hangen hem vol met ballen, lichtjes, engelenhaar en nog zo het een en ander waarmee tuincentra je doodgooien. En ze plaatsen nabij de boom een stalleke. De beeldjes worden uitgepakt, voorzichtig. Die van drs. Sombermans, ze zijn oud en breekbaar, net als die 30 mensen die nog een kerk bezoeken en dat niet alleen op Eerste Kerstdag. De kribbe, het kindje, het echtpaar, de herders met hun schapen, de os en de ezel, de drie koningen en de engel huizen een jaar lang in een bananendoos, goed ingepakt in een krant, tegen breuken, altijd de krant van een jaar geleden of langer. Een kerststal aankleden trekt Sombermans terug in de tijd. Wat gebeurde er in december een jaar geleden in Oekraïne en Gaza? De toestand daarginds is bedroevender dan een jaar geleden. Waarom zijn de Groten der Aarden niet tot vrede bereid? Zouden alleen dichters en dromers, pacifisten en generaals buiten dienst, diplomaten en demonstranten, het antwoord kennen? De wind blaast het alle kanten op.
In de krant staan moord en doodslag naast stukjes die verstrooiing brengen. Het Woord van het Jaar 2023 was ‘graaiflatie’. Sombermans heeft het nooit gebruikt en is het snel vergeten. Zijn buurman niet, die wist dat een jaar eerder ‘energiearmoede’ de meeste stemmen kreeg. En de jaren daarvoor werden ‘klimaatklever’ (2022) en ‘prikspijt’ (2021) door de vox populi bepaald. Dit jaar kwam er geen stemming aan te pas. De jury wees ‘polarisatie’ aan. Bizar dat juist door de ontwrichtende polarisatie tussen voor- en tegenstanders van ‘transitiespijt’ het stemmen afgeblazen moest worden. Korte lontjes, daarover waren drs. Sombermans en zijn buurman het eens.
4.
Er staat een kerststal op wat eens geroemd werd als het heiligste gras van ons Goede Vaderland. ‘Verboden te betreden op straffe van…’ Als het kermis was verdwenen de verbodsbordjes en ook op zomerse dagen waarop de Kempische schrijvers en andere cultuurdragers in de openlucht zich te goed deden aan spijs en drank. Een hemelse maaltijd zo’n Bourgondische Brabantse koffietafel.
Sombermans zag dat het veld vol stond met kerstbomen, met kunstsneeuw bespoten. ‘Ik heb ze niet mogen leveren’ zou de buurman later zeggen. En de stal, ze staat er tot meerdere eer en glorie van de bouwers, de kijkers en het Kerstkind. Ze heeft concurrentie en niet zo’n beetje ook. ‘De commercie maakt meer werk van Kerstmis dan de oorspronkelijke eigenaren van het feest’, merkte drs. Sombermans op. ‘De Germanen vierden de terugkeer van het licht. De christenen vieren de geboorte van Jezus. Een van zijn eretitels luidt: Christus, Licht van de wereld’.
De brievenbus van Sombermans puilt uit van de glossy’s verspreid door supermarkten. ‘Volg ons en je beleeft een stressloze kerst’ is de verborgen boodschap.150 pagina’s met recepten, aanlokkelijk in beeld gebracht. Maak daar maar eens een keuze uit. Aan twee stressloze kerstdagen gaan weken keuzestress vooraf. Een asceet wordt er onpasselijk van. Sombermans was er zo eentje. Zijn lievelingskostje met kerst: roggebrood met spek en erwtensoep. De mango capresse met pestodressing kon hem gestolen worden, net als de coq au vin rouge.
Kinderkoren zingen van herdertjes die haastig naar Bethlehem gingen tot de winkels sluiten. Cafés baden in het licht, nog ver na sluitingstijd. In het centrum brandt speciale straatverlichting.
En de gelovigen wat doen die aan voorbereidingen? Bar weinig, volgens drs. Sombermans. Glossy’s komen niet verder dan eten en drinken en de gezelligheid die daar mee gepaard gaat. Met die gezelligheid daar is overigens niks mis mee. Wie de reclames uitvlooit vindt niet één verwijzing naar de andere kant van Kerstmis. Glossy’s staan voor een seculier kerstfeest. Daarin speelt de komst van het Kerstkind geen enkele rol, stelde drs. Sombermans vast. Wat zetten de kerken daar tegenover? Een adventskrans, een stal in de kerk, een knikengel, een aansporing gul te geven aan een collecte voor een pastoraal project ergens in Afrika. Een oproep tot inkeer en bezinning in de wekelijkse viering, dat is het wel zo’n beetje. Wie hoort die oproep nog? Waar is de tijd dat families zich verzekerden van een zitplaats door een bank te pachten? God waar ben je? Welnu, in het Kindeke Jezus in de kribbe komt Hij tot ons: ‘Hij die ons heil ter wereld bracht, antwoord op ons hopen’.
5.
In de stal werd eens een baby welkom geheten door blatende schapen, kakelende hennen en een kraaiende haan. Het kind werd in een bakske met stro gelegd. Het bleek om een jongetje te gaan. Was hij een vondeling? Zo lang het duurde voelde het kind zich thuis bij zijn pleegouders Maria en Jozef. Toen hij gevoed moest worden overschreeuwde hij schapen, kippen en de haan. Hij werd verenigd met zijn teruggevonden moeder. En pappa die knuffelde hem zowat dood. Ook dit godswonder, dit Kerstkind wenst Jan en alleman, incluis de cultuurcriticus drs. Zjos Sombermans en zijn buurman een vredig Kerstfeest en gelukkig Nieuwjaar. Laat 2025 maar komen.