Deze spannende, verrassende, fantastische verhalen zijn geschreven door kinderen van groep 8 tijdens een workshop creatief schrijven (gegeven door juf Edith) op basisschool de Doelakkers in Hilvarenbeek.

VERHAAL 12

De mysterieuze boswandeling

door Zoë Schouten

Drup, drup, drup. Hè verdorie, het regent net wanneer ik de hond uit moet laten. “Mam”, zegt Lilly, “moet ik echt de hond uit laten? Het regent heel hard.”

“Ja natuurlijk, die hond loopt niet vanzelf. Hij gaat hier niet in mijn huis piesen.”

“Ughh, oké, ik doe wel een regenjas aan”, zegt Lilly teleurgesteld. “Waffel, kom aan de riem. Kom maar. WAFFEL!!! Goed zo. Kom naar buiten.”

Waffel kijkt Lilly sip aan.

“Ja Waffel, ik heb er ook geen zin maar volgens mij moet jij wel plassen.”

Lilly en Waffel zijn lekker aan het wandelen in het bos naast haar huis. Waffel moet plassen hij staat klaar, pssssssssss. Wacht eens, Lilly hoort iets ritselen.

“Huh??? Wat hoor ik nou? Het komt van die boom. Nou ja, het zal vast wel een eekhoorntje zijn.” Ze loopt verder (gefluit) “Kom Waffel.”

Oh nee, Lilly weet hoe laat het is, er vliegt een vlinder. Waffel rent erachteraan.

“Waffel! Wacht. KOM.” Lilly wordt helemaal meegesleurd. Waffel is zo sterk het lukt niet meer om de riem vast te houden. Ze laat de riem los.

“OH NEEEEEEE!”

Ze rent zo snel mogelijk achter Waffel aan. En opeens stopt hij voor een mysterieuze deur.

“Wat is dit dan weer?” zegt Lilly verbaasd. “Wat een rare deur, zal ik naar binnen gaan?” Lilly doet de deur open. Ze kijkt verbaasd. Ze ziet een leuke glijbaan en hoort allemaal leuke muziekjes. Er is maar een manier om te kijken wat hierachter is...

WIEHHHHHHHHHHH.

Ze komt in een zwarte kamer. Oh mijn god wat is dit? Lilly is bang.

Een stem: “Hallo. Om hieruit te komen moet je naar dingen zoeken.”

Ze voelt op de grond. Er ligt een telefoon.

“YESSSS. Ik ga mijn moeders nummer in typen 06 **********.”

De telefoon verdwijnt. De stem zegt: “Bedankt voor de gegevens.”

“Oh nee”, zegt Lilly. Ze voelt een hand. “AAAAAAHHHHHHH.” Lilly voelt een luik in de grond. Ik moet er wel in en ze teleporteert naar... een flat??

“Alsjeblieft”, zegt de stem.

“Dankje...wel, denk ik”, zegt Lilly.

“Hé, hier woont mijn vriendin.“ Ze belt aan.

”OMG! Ik moet je wat vertellen!“

Lilly vertelt alles. ”Maar waar is mijn hond?“ roept ze geschrokken.

”Oh ja“, zegt haar vriendin, ”die viel zo op onze bank.“

Ze wordt naar huis gebracht.

”Hé schat, gaat het goed? Ik werd gebeld.“

”Echt? Ja, het gaat goed. Zat jij hierachter?“

”Ik wou alleen zien of je door de deur zou gaan.“

VERHAAL 13

De deur

door Gijs Hamers

Je ouders hebben altijd al gezegd dat er een oude verlaten boerderij is, waar de geest van de boer nog steeds rondspookt. Op een dag loop je naar school en ga je langs de boerderij.

Wat is er zo gek aan deze boerderij, denk je, maar dan vind je een deur. Wat zit erachter?

Op een dag loop je met een omweg naar school, omdat je wil gaan kijken op die boerderij waar je ouders over hadden verteld.

Eerst loop je door een stuk bos en dan op een gegeven moment kom je langs de boerderij.

Je gaat er kijken.

Eerst kijk je in het huis dat er bij staat. Er is een slaapkamer, een badkamer, een woonkamer en er is een keuken. Gewoon vervallen huis.

Daarna ga je naar de stal. Ook heel gewoon, niks raars.

Je wilt weer doorlopen naar school, maar dan zie je een deur.

Je gaat kijken. Dan hoor je een hond.

Je doet de deur snel open, gaat naar binnen en sluit de deur weer.

Het is een klein schuurtje. Er staan wat scheppen, wat harken, een ploeg en huh, je ziet een gat in de grond.

Je kijkt erin. Dan spring je erin.

Je glijdt naar beneden en komt in een bos. Je moet hier weg! Je moet naar school. Je ziet een enge man. Je gaat rennen.

Daar is een muur. Je rent er naartoe en klimt erover. Dan ben je weer bij je huis.