Dat Hilvarenbeek een mooie gemeente is, waar veel te zien is en veel te beleven, dat weet iedereen wel. Maar hoe mooi? Dat ontdek je eigenlijk het beste als je er op uit gaat. Al wandelend kom je op de mooiste plekken. Ik gebruik daarvoor de wandelkaart met nummers van knooppunten. Die brengt mij vandaag naar de oevers van het Wilhelminakanaal en de Kerkeindse Heide. Startpunt is deze keer de brug over het kanaal in de weg naar Moergestel bij knooppuntenpaal met nummer 03 en dan richting 05. Voor wie zo’n kaart niet bezit, staan onderaan de nummers die je kunt volgen.
door Kees van Kemenade
Wandelen langs water heeft een rustgevend effect. Eenden en andere watervogels zijn volop aanwezig en in het rimpelende wateroppervlak spiegelen zich de wolken die voorbij trekken. Je krijgt er zomaar dichterlijke gevoelens bij. We lopen over de oude jaagpad, want toen het Wilhelminakanaal in 1923 in gebruik werd genomen, waren nog niet alle schepen gemotoriseerd. Een kabel vanaf de mast leidde naar de jager die met zijn paard over het jaagpad voor de voortbeweging zorgde. Tijdens de opening was dit al verouderd.
Het kanaal, genoemd naar de vorstin die toen haar zilveren regeringsjubileum vierde, was een grote wens van de industriestad Tilburg, dat een eigen zijkanaal liet graven. Alle gemeenten aan de waterweg verwachtten er veel van en dus kregen zowel Biest-Houtakker en Haghorst een haven. In het laatste dorp werd zelfs een stuw met sluis aangelegd.
Terwijl we voortwandelen, passeren wij het motorcross terrein van MCC Biest-Houtakker en aan de overkant het enorme gebied met de waterplas van de Beekse Bergen. Ooit lagen hier zandduinen, maar die werden afgegraven om in Tilburg een Hoog Spoor aan te leggen. De gemeenten Tilburg en Hilvarenbeek besloten om dit te gaan gebruiken voor de recreatie. Zo werd in 1964 het Strandpark De Beekse Bergen geopend, later uitgebreid met een leeuwenpark. Steeds verder uitgebouwd, is het nu het Safaripark.
Abdij aan de horizon
Inmiddels hebben wij het agrarische landschap achter ons gelaten en betreden wij de Kerkeindse Heide. De naam zegt het al, ooit was dit een open heidevlakte, maar eind negentiende en begin vorige eeuw werden de meeste van die heidevelden omgeploegd en ingericht als akkers en weilanden. De slechtste grond werd bestemd voor de bosbouw. Dit bos hier is een van de rustigste gebieden als je van een stille wandeling houdt.
Je loopt pal langs het omvangrijke landgoed van de paters Trappisten, OLV van de Koningshoeven. De paters zochten een eigen plek om een abdij te bouwen, toen ze verdreven werden uit Frankrijk en na aankoop van enkele boerderijen die koning Willem II hier ooit gesticht had, kon de bouw starten. In 1880 werd het markante gebouw ingezegend. Af en toe hoor je boven de bomen de torenklok van de abdij, als de monniken worden op geroepen om hun werk te staken en samen te komen voor het gebed. Men volgt er de regel van Benedictus met de bekende zin Ora et Labora (Bid en Werk). Af en toe ruik je ook hun werkzaamheden als er een lichte bierlucht over het pad waait.
Een Kluizenaar
De Kerkeindse Heide heeft maar één huis, midden in het bos. Het draagt de toepasselijke naam De Kluizenaar, al zul je er geen echte kluizenaar aantreffen. Omdat wij de knooppunten route volgen kunnen wij er niet verdwalen en verlaten wij het woud om door de akkers en velden richting de Heuvelstraat te gaan, de verbindingsweg van Hilvarenbeek en Moergestel. Het fietspad voert ons dan weer terug naar het beginpunt.
Anderhalf uur kost je deze wandeling en je kunt de volgende knooppunten volgen: 03 – 05 – 06 – 22 – 10 – 92 – 91- 08 - 03